Comfort en kostenbesparing zonder met milieu te belasten.
Bij een warmtepomp wordt gebruik gemaakt van een gratis energiebron: aardewarmte, grondwater, buitenlucht of ventilatielucht.
In een warmtepomp bevindt zich een gesloten circuit waarin een koudemiddel circuleert. Het circuit bestaat uit twee warmtewisselaars, een compressor en een expansieventiel. De warmtebron stroomt door de eerste warmtewisselaar, die de warmte van de bron afgeeft aan het koudemiddel. Dit middel verandert daardoor van vloeistof naar gas. Deze eerste warmtewisselaar wordt daarom de verdamper genoemd (1). Met een compressor (2) wordt het gasvormige koudemiddel op een hogere druk gebracht, waardoor de temperatuur stijgt. Het koudemiddel passeert vervolgens de tweede warmtewisselaar en geeft zijn warmte af aan het verwarmingssysteem, bijv. ruimteverwarming of warm tapwater. Hierbij condenseert het koudemiddel. Deze tweede warmtewisselaar wordt daarom condensator (3) genoemd. Het expansieventiel (4) brengt de druk en de temperatuur van het vloeibaar koudemiddel tenslotte naar de oorspronkelijke waarde, waarna het proces weer opnieuw start.
Verschillende varianten, één doel:
Een weldadig woon- of werkklimaat
Warmtepompen voor de verwarming van woningen en bedrijfspanden zijn er in verschillende uitvoeringen. De systemen onderscheiden zich onder andere door de bron (grondwater, aardewarmte of lucht) en de capaciteit. De systemen die Bos Installatietechniek aanbiedt, kennen ook een aantal belangrijke overeenkomsten: maximale bedrijfszekerheid, duurzaamheid en voldoende flexibiliteit voor warmte op maat.
Grondwater als warmtebron
Grondwater is bij uitstek geschikt voor de opslag van energie. Ook in de winter behoudt grondwater een constante temperatuur tussen de +8°C en +12°C. Deze warmte kan heel goed door een warmtepomp worden omgezet naar een hogere temperatuur voor de verwarming van woningen of kantoren. De systemen uit het programma van Bos Installatietechniek zijn uitgerust met de modernste compressietechnieken, werken met een laag geluidsniveau en zijn eenvoudig te bedienen.
Aardewarmte als warmtebron
De als aardewarmte opgeslagen zonne-energie is een onuitputtelijke bron van gratis energie. Doordat de aarde ook op zeer koude winterdagen een constant temperatuurniveau vasthoudt, is een economisch optimale prestatie hierbij gegarandeerd. Om de warmte uit de aarde te onttrekken, bestaan twee mogelijkheden: de horizontaal aardcollector en de verticale aardcollector.
Het rendement van de warmtepomp:
De Coëfficient of Performance (COP)
De COP van een warmtepomp geeft de prestatie of het rendement weer. De COP is de verhouding tussen de geleverde warmte en de verbruikte elektrische energie. Een COP van 5 betekent dat we er 5kW warmte wordt verkregen door slechts 1 kW energie te verbruiken. Hoe kleiner het verschil is tussen de temperatuur van de warmtebron en de temperatuur die de warmtepomp afgeeft, hoe hoger in principe de COP is. Er is dan immers minder stroom nodig om de temperatuur te verhogen. Vandaar dat een warmtepomp optimaal functioneertals hij wordt aangesloten op een laagtemperatuur verwarmingssysteem, bijv. vloer- en/of wandverwarming of eventueel laagtemperatuur radiatoren.
Overal inzetbaar
De warmtepompen voor de ruimteverwarming zijn breed inzetbaar. Van woonkamer tot fabriekshal. De medewerkers van Bos Installatietechniek geven u graag een professioneel advies over hoe u het hoogste comfort en rendement uit deze milieuvriendelijke verwarmingssystemen kunt halen.
Bij een verticaal open bronsysteem wordt grondwater opgepompt naar de verdamper van de warmtepomp. Het afgekoelde water wordt vervolgens afgevoerd naar de zinkbron, zon 15 meter van de haalbron verwijdert. Om de verdamper van de warmtepomp te beschermen tegen aantasting door verontreinigingen in het grondwater, wordt een extra warmtewisselaar aangeraden. De horizontale aardcollector bestaat uit een horizontaal polyethyleen slangenstelsel dat op een diepte van 1,20 tot 1,40 meter onder het maaiveld wordt aangebracht. Door deze slangen circuleert een mengsel van water en glycol (antivries) dat de aardwarmte opneemt en naar de verdamper geleidt.De verticale aardcollector kan vrijwel overal worden toegepast. Voor deze collector worden verticaal enkele tientallen meters diepe gaten geboord met een doorsnede van ca. 12cm. In de boorgaten worden twee parallelle polyethyleen slangen (sondes) aangebracht met een leiding diameter van ca. 25mm. Deze worden gevuld met een mengsel van water en glycol. Door middel van verdelers worden de sondes op een diepte van 100cm onder het maaiveld met elkaar verbonden. Vandaar uit worden zij gezamenlijk via één centrale aan- en afvoer op de warmte pomp aangesloten. Kijk ook op www.geotherm.nl |
De horizontale aardcollector bestaat uit een horizontaal polyethyleen slangenstelsel dat op een diepte van 1,20 tot 1,40 meter onder het maaiveld wordt aangebracht. Door deze slangen circuleert een mengsel van water en glycol (antivries) dat de aardwarmte opneemt en naar de verdamper geleidt.